De meeste meldingen bij Unia gingen over Guy D’haeseleer en Theo Francken

Unia heeft vorig jaar bijna 270 meldingen gekregen over uitspraken van politici of partijen. Het Interfederaal Gelijkekansencentrum spreekt in haar jaarverslag 2018 van “een stijgende trend”.  Wat politici betreft, gaat het gros van de meldingen over Guy D’haeseleer (Vlaams Belang/Forza Ninove) en voormalig N-VA-staatssecretaris Theo Francken. Qua partijen kwamen de meeste meldingen binnen over de Brusselse partij ISLAM, gevolgd door Vlaams Belang en N-VA.

(Lees verder onder de video)

“Je kan er niet naast kijken: het politieke discours lijkt te verharden. Uitspraken die flirten met de grens van de vrije meningsuiting zijn meestal niet strafbaar. Ze voeden wel maatschappelijke denkbeelden die kunnen leiden tot discriminatie”, zo staat te lezen in het jaarverslag 2018 “Mensenrechten in ere herstellen” van Unia. Vorig jaar kreeg het centrum 83 meldingen binnen over uitspraken van politici en 185 meldingen rond uitspraken en campagnes van partijen. “Het gaat duidelijk om een stijgende trend”, klinkt het. 

De partij ISLAM heeft met 157 meldingen duidelijk de hoofdvogel afgeschoten. Die partij stelde voor om vrouwen en mannen gescheiden te houden op het openbaar vervoer. Unia is wettelijk niet bevoegd om discriminatie op basis van gender te onderzoeken, maar het centrum nam wel het partijprogramma van de partij onder de loep. Unia moest daaruit concluderen dat ze “geen elementen vond die een inbreuk waren op de antidiscriminatiewetgeving”. Volgens Unia “druist het partijprogramma wel in tegen het idee van een inclusieve samenleving”.

Wat individuele politici betreft, kreeg Unia een reeks meldingen over Forza Ninove-kopman Guy D’haeseleer. Zo was er de omstreden ‘chocomousse-post’ van D’haeseleer. Bij een foto van jonge Afrikanen had D’haeseleer geschreven: “Vroeg op om de chocomousse te maken”. Verder haalden Forza Ninove-leden het nieuws “door hun verkiezingsoverwinning te vieren met simultane bewegingen die alle eigenschappen van een nazigroet vertoonden".  “Hoe schokkend die ook zijn, we konden geen inbreuken op de antiracisme- en antidiscriminatiewetgeving vaststellen”, aldus Unia.

Intentie om te schaden
De vrijheid van meningsuiting is ruim. Er zijn enkel inperkingen wanneer er wordt aangezet tot haat, discriminatie of geweld. Om iemand voor de rechter te brengen voor aanzetten tot haat, discriminatie of geweld, moet de intentie om te schaden aanwezig zijn. 

“Verdachte uitspraken worden daarom zelden vervolgd. Toch dragen politici (en publieke figuren in het algemeen) een morele verantwoordelijkheid. Maar deze ‘morele plicht’ is niet juridisch afdwingbaar”, aldus Unia.